Tijdens Gouda Waterstad slenterden we over de Lage Gouwe. Bij het Nonnenwater stond een kraampje van de groep binnenstadsbewoners die druk bezig zijn om het voor elkaar te krijgen deze gracht weer open te graven. Dat wilde de gemeente al langer, maar financiëel bleek zelfs de simpelste optie niet haalbaar. De bewoners waren het daar niet mee eens, en daarom gaf wethouder Menkveld ze nog wat tijd om op zoek te gaan naar fondsen.
Bij dat kraampje raakte in al snel in discussie met Sjaak de Keijzer, voormalig ambtenaar bij de gemeente en nu vaak op Gouwestad met uitleg over bouwpojecten uit het verleden. Die discussie ging over geld. Het opengraven van het Nonnenwater kost miljoenen, een investering die de gemeente nu moeilijk kan doen. Natuurlijk, als je maar wilt is er altijd wel een weg, maar we willen wel meer, en dan raken de wegen langzaamaan verstopt. We kwamen er die zonnige middag niet uit.
Enkele dagen later werd ik gebeld door Sjaak. Hij wilde mij een boekje geven, Eigen Haard is Goud Waard. Dit is geschreven door Tom Bade van Triple E. Een accountant, die ik eerder al eens een interessant verhaal had horen vertellen over de economische waarde van groen. Hoewel ik vooral uit principe voor groen ben is het fijn om te horen dat die principes ook nog geld opleveren. Zo’nzelfde berekening hebben Bade en consorten losgelaten op cultuurhistorisch erfgoed.
De binnenstad als BV
De basis van het verhaal is om een historische binnenstad als BV te bekijken. Er komt geld in via bezoekers, bedrijfswinsten en belastingen, en er zijn kosten voor onderhoud van monumenten, wegen, grachten, etc. De uitgaven zet je tegenover de kosten, en voila, er komt een dikke winst uit. Een beetje binnenstad zet miljoenen om. Miljoenen die direct samenhangen met die historische binnenstad.
Eén van de voorbeelden is het opengraven van een gracht. Dat kost geld, veel geld. Maar water is ook een inkomstenbron: het zorgt voor hogere huizenprijzen (dus hogere opbrengst OZB), het is aantrekkelijk voor bedrijven (die weer belasting betalen), het levert toerisme op (horeca- en winkelinkomsten). De kosten kan je dus weer terugverdienen. Op eenzelfde manier blijkt dat het autovrij maken van straten in de binnenstad een hogere omzet oplevert voor ondernemers - en dus hogere belastinginkomsten. Een win-win situatie.
Door via zo’n constructie naar de binnenstad te kijken wordt er ineens veel meer mogelijk. Auto’s verder uit de binnenstad weren, grachten opengraven, de kosten van deze grote operaties kunnen gedragen worden door de financiële voordelen van die operaties op lange termijn beter te benutten.
De vraag is alleen wel: hoe doe je dat uiteindelijk? Want er zit wel een addertje onder de gracht in het verhaal van Bade. Het zwaartepunt van de investeringen ligt bij de lokale overheid. Het zwaartepunt van de opbrengsten bij de particulieren en ondernemers, en de landelijke overheid. Geld dat je niet zomaar terugziet als gemeente.
Al met al kost het dus wel wat werk van financiële specialisten, om het geld zodanig te laten vloeien dat je als gemeente je investering kan terugverdienen, en daarmee mogelijk maakt. Zo’n specialist ben ik niet. Maar het zou mooi zijn als we daar als gemeente, en zeker ook als gemeenteraad, aangezien wij over de financiën beslissen. Een verkennende bijeenkomst over dit thema lijkt me zeker gewenst.
Popularity: 35% [?]





















Laatste reacties