De stad naar veiligheid communiceren

Je hebt Goudse kaassie en kommunekaassie. Die laatste stond centraal bij de bijeenkomst over de evaluatie van het veiligheidsbeleid. Met name vanuit de wijkteams werd geklaagd over de communicatie rondom veiligheidsbeleid. Hoewel het verfrissend is dat een keer niet de Marokkanen, maar de voorlichters ergens de schuld van krijgen miste ik nog wel de concrete tips wat er dan beter kan.

De avond begon met een korte uiteenzetting over het veiligheidsbeleid, de resultaten en de aanbevelingen. Er is een goed begin gemaakt met (modewoord-alert) integraal werken, het aansturen van veiligheidspartners op veiligheidsgebied zoals politie, welzijnswerk, justitie, enz, en het betrekken van de bevolking. Er zijn concrete doelen die meetbaar zijn. Op een aantal vlakken, met name auto-inbraak, is de hoeveelheid incidenten fors teruggedrongen. Alleen het onveiligheidsgevoel is gelijk gebleven, en hoog vergeleken met Nederland als geheel.

Er waren ook aanbevelingen: de gemeente moet meer de regie op zich nemen, er moet een beperkte set doelen komen (met name jeugdoverlast en geweld), en het gevoel van veiligheid moet worden verbeterd.

Dat laatste triggerde mij tot de vraag “waarom is het onveiligheidsgevoel nu dan zo hoog en wat kunnen we daaraan doen?”. Geen onbelangrijke als dat een speerpunt moet worden lijkt me. Het antwoord bleef een beetje vaag, vooral omdat onveiligheidsgevoel erg individueel is, of buurtgebonden. Gelukkig heb ik namens de GroenLinks-fractie daarvoor al eens de oplossing geboden: ga het gesprek aan met de buurt!

Vervolgens was het woord aan de partners. Mijn algemene indruk: de wijkteams (als vertegenwoordigers van de bewoners) willen vooral resultaat zien en “betere communicatie”, omdat de cijfers en de beleving ervan nogal uit elkaar lopen. Verder was het vooral een verhaal van “wij van WC-eend adviseren WC-eend”: Bureau Jeugdzorg vond dat Bureau Jeugdzorg gefaciliteerd moest worden, HALT vond dat HALT wel vaker ingezet kon worden, welzijnsorganisatie Factor G benadrukte het belang van de welzijnsorganisatie (en dat dat geld kost). De politie zat met capaciteit, het Openbaar Ministerie was tevreden en kwam met de terechte opmerking dat als zij nodig zijn het eigenlijk al te laat is. Wat we niet meer hoefden te doen kwam niet zo in de verhalen voor. Dat wordt dus lastig knopen doorhakken door de raad.

De verhalen over slechte samenhang tussen de preventieve organisaties lieten mij wel even schrikken. Dat men bij Bureau Jeugdzorg nog nauwelijks naar het gezin kijkt, maar puur naar het individu dat hulp nodig heeft. Dat Factor G zegt dat de onderlinge afstemming beter kan. Dat de overlastgevende jongeren “uit de anonimiteit gehaald moeten worden”. Allemaal zaken waarvan wij dachten dat dat al werd gedaan. We hebben een Veiligheidshuis voor overleg, bijvoorbeeld. We hebben lijstjes met criminele en overlastgevende jongeren. Wie zijn die anonieme figuren?

In de hele avond kwam de politie maar zijdelings ter sprake. Aan de ene kant logisch, want wij hebben als gemeente maar beperkte invloed op de politie. Aan de andere kant frustrerend, want veel van de verhalen die wij horen en die onveiligheidsgevoelens stimuleren hebben juist betrekking op de politie. Aangiftes die niet worden opgenomen, omdat “ze toch niet worden opgepakt” of “dan krijgt u alleen maar eieren tegen uw raam”, het gevoel dat onder de bevolking leeft dat de politie te weinig gezag heeft op straat. Daar zullen toch echt afspraken over moeten komen, want wij als gemeentelijke politiek worden erop aangesproken en aangekeken. Onze preventieve aanpak werkt niet als criminelen niet ook gewoon worden opgepakt en gestraft.

Maar de grootste opgave zit ‘m in het zorgen voor een veilige stad op lange termijn. Dat betekent dat de problemen met Marokkaanse jongeren moeten worden opgelost, maar we tegelijk naar een situatie moeten waarin Marokkaanse jongeren als Goudse jongeren worden gezien. Discriminatie en uitsluiting zijn aan de orde van de dag, en vergemakkelijken de stap naar criminaliteit. Waarom zou je je immers goed gedragen richting een samenleving die zich slecht gedraagt tegen jou? Goed voorbeeld doet goed volgen. Te bedenken hoe we die stap moeten gaan zetten wordt een mooie uitdaging voor deze raad.

Over Michel

Michel Klijmij is gemeenteraadslid voor GroenLinks Gouda, (co-)woordvoerder milieu, veiligheid, bouwen & wonen, ruimtelijke ordening, voorzitter A-onderwerp Armoedebeleid. Michel Klijmij woont al zijn hele leven in Gouda en houdt van hobby's. Dat zijn klooien met computers, radiomaken en politiek. Op dit weblog publiceert hij alles wat hij vindt dat de wereld moet horen.
Dit bericht is geplaatst in Gemeenteraad, Gouda, Politiek met de tags , , , , , . Bookmark de permalink.

2 Responses to De stad naar veiligheid communiceren

  1. Gebruikt Unknown op Unknown O.S.

    Michel Klijmij-van der Laan: De stad naar veiligheid communiceren: Je hebt Goudse kaassie en kommunekaassie. Die.. http://twurl.nl/cmqhnz

  2. Gebruikt Unknown op Unknown O.S.

    Michel Klijmij-van der Laan: De stad naar veiligheid communiceren: Je hebt Goudse kaassie en kommunekaassie. Die.. http://twurl.nl/cmqhnz

Reacties zijn gesloten.